Kadiatu’s verhaal
Ze denkt dat ze ongeveer twaalf was toen ze trouwde. Een jaar later, kon haar jonge lichaam de geboorte van haar eerste kind niet aan. Na een bevalling van vier dagen was Kadiatu uitgedroogd en erg zwak, maar nog steeds niet bevallen.
Haar vader nam haar mee naar de kliniek, waar bleek dat men niks voor haar kon doen. Uiteindelijk werd Kadiatu toegelaten in een regeringsziekenhuis, waar haar broer werkte. Doktoren hebben hier een keizersnede uitgevoerd. Kadiatu's baby leefde maar drie dagen.
Ze bleef een maand in het ziekenhuis. Toen ze klaar was om naar huis te gaan, haalde de verpleegkundigen haar catheter weg; de urine droop langs haar benen naar beneden. Ze kon er niets aan doen. De verpleegkundigen zeiden dat het beter zou gaan met medicijnen, maar dat ging het niet. Na zeven maanden was er nog steeds niets veranderd.
Toen ze thuis kwam, liet haar man haar in de steek. Hij trouwde met een ander. Ze ging bij haar vader wonen en hij hielp haar om een kleine marktkraam te beginnen. Ondanks dat veel mensen Kadiatu ook vaak meden, verkocht ze genoeg sinaasappelen en bananen om haar eten te betalen.
Zeven jaar later hoort Kadiatu via haar tante over Mercy Ships. Kadiatu is inmiddels 21 en bezoekt de screening. Daar krijgt ze de felbegeerde behandelkaart. Ze wordt succesvol geopereerd en geneest volledig. “Ik geloofde dat God mij op een dag weer beter zou maken,” zegt Kadiatu. “Maar het was een moeilijke en lange periode. Nu ben ik dankbaar voor de weg die naar Mercy Ships leidde. Dit is waar ik lang van gedroomd heb. Ik ga terug naar mijn vader en familie om te vertellen wat God voor mij gedaan heeft!”

