'Schoonmaakster of chirurg: iedereen is nodig'

Na het behalen van haar havodiploma besloot Elise Boon (18) een tussenjaar te nemen om “nieuwe dingen te ontdekken en iets te betekenen voor de mensheid”. Ze ging voor twee maanden aan boord, in het team van housekeepers, de schoonmaakafdeling op de Africa Mercy. We zijn benieuwd naar haar avonturen!  

Hoe ben je bij Mercy Ships terechtgekomen?
“Ik hou van reizen en nieuwe dingen ontdekken. Mercy Ships kende ik van vrienden die al vier jaar aan boord wonen. Al die jaren heb ik hun verhalen gehoord en nu wilde ik het weleens met eigen ogen zien. Na verschillende tegenslagen (ik heb een spierziekte, dus het was eerst de vraag of ik aan boord mocht) is het toch gelukt. Achteraf gezien weet ik zeker dat God dit al lang voor mij in gedachten had.”

Waarom heb je voor de schoonmaakafdeling gekozen?
“Aangezien ik alleen nog maar mijn havodiploma heb, kon ik kiezen uit een aantal functies, waar schoonmaakster er een van was. In het begin dacht ik dat dit beroep wel niet zo hoog geacht zou worden in vergelijking met bijvoorbeeld een verpleegkundige, maar uiteindelijk kan een verpleegkundige ook haar werk niet doen als er niet wordt schoongemaakt. We zijn allemaal bij Mercy Ships met hetzelfde doel: mensen in Afrika helpen die het heel hard nodig hebben. Schoonmaakster of chirurg, we zijn allemaal een onderdeel van dat proces.”

Wat hield je werk in?
“Schoonmaken in het ziekenhuis, op de afdelingen, maar ook op de andere verdiepingen. Het is natuurlijk niet het leukste werk op aarde, maar mensen zijn echt mega dankbaar voor het werk dat je doet. Ik werkte meestal vijf dagen per week van 8.00 uur tot ongeveer 16.30 uur, maar af en toe werkte ik in het weekend. Dat betekende dat ik dan zeven dagen in de week moest werken en dan de maandag en dinsdag daarop vrij was. Iedereen kreeg om de zoveel tijd een pieper op zak. Als je deze had kon je elk moment opgepiept worden, ook ’s nachts. Iedere dag begonnen we met veel dansen en zingen met heel het team. Dit maakte dat ik zin had in ochtenden, terwijl ik echt geen ochtendmens ben. Door het dansen en zingen ben ik echt van de Afrikaanse cultuur gaan houden.”

In wat voor team werkte je?
“Een team met voornamelijk daycrew (dagwerkers), dat zijn mensen uit Benin die tegen betaling overdag op het schip werken. Werken met hen vond ik echt een van de leukste dingen aan boord, ik had altijd de grootste lol met deze mensen en je leert ook veel van de taal en cultuur.”

Hoe vond je het land, Benin?
“Deze reis naar Benin was mijn eerste ervaring met Afrika. Ik vond het super en wil er nog veel meer van zien en voor doen. Ik hou erg van de Afrikaanse cultuur: veel dansen, zingen en God aanbidden. Vooral de mensen uit Benin zijn heel leuk. Het land zelf had ook z’n mooie plekken, maar vooral veel armoede en dit vond ik erg indrukwekkend. Het geeft je echt het gevoel dat je daar niet voor niets bent. Ook vond ik dat de verschillen groot waren: je loopt in een krottenwijk, je loopt een blokje om en daar staan ineens megavilla’s. Dit vond ik soms wel heftig om te zien. Ook ben ik een paar keer naar een natuurgebied geweest. En ik ging een keer op bezoek bij een van de dagwerkers. Dat was best een stuk rijden vanaf het schip en ik vond het heel bijzonder om te zien hoe zij daar leefde.”

Wat zijn je mooiste herinneringen van je tijd aan boord?
“Zien hoe dankbaar de mensen zijn voor wie je daar bent, zien hoe levens veranderen door een operatie, wetend dat je daar een steentje aan bij hebt gedragen. Dat is wel echt gaaf. In het begin vond ik het heel spannend om aan boord te gaan, omdat ik daar niet echt iemand kende, maar vanaf dag één had ik het gevoel dat ik werd opgenomen in de Mercy Ships-familie. Maar ook het leren kennen van nieuwe goede vrienden is heel bijzonder. Ik heb veel van de verschillende culturen geleerd. Soms is het ook wel lastig en in het begin is het best eng om Engels te praten, maar na een week was ik daar wel aan gewend.”

Ben je door dit avontuur aan boord veranderd?
“Absoluut, mijn kijk op de wereld is veranderd. Je gaat meer beseffen dat het allemaal niet zo vanzelfsprekend is dat je bijvoorbeeld elke dag genoeg te eten hebt. Ook ben ik heel erg gegroeid in het geloof, door er veel over te praten en doordat ik in een christelijke community leefde.”

Hoe was het om afscheid te nemen na twee maanden aan boord?
“Ik vond het vreselijk om weg te gaan. Het leven daar is zo anders. Op een gegeven moment wil je ook niet meer terug naar je oude vertrouwde wereldje, omdat je weet dat je daar in Afrika zo veel meer kan betekenen. Afscheid nemen van goede vrienden vond ik wel echt het moeilijkste gedeelte van het hele avontuur. ‘But if we don’t know pain, we don’t know love’ en dit is zeker waar. Achteraf kan ik terugkijken op een prachtige tijd, echt de mooiste tijd van m’n leven, dus dan moet je ook gewoon weten dat je niet moet huilen omdat het over is, maar blij moet zijn omdat het gebeurd is.”

Ben je inmiddels een beetje ‘geland’ in Nederland?
“De eerste maand terug in Nederland zat ik met m’n hart en m’n hoofd nog in Afrika. Het is heel moeilijk om het los te laten. Ik heb gelukkig nog contact met de mensen daar. Maar uiteindelijk blijf je er toch altijd naar verlangen om weer terug te gaan. Je zult het echt pas begrijpen als je er eenmaal geweest bent en dan zal je het volledig met me eens zijn. Leven in zo’n community, allemaal met hetzelfde doel voor ogen is gewoon fantastisch. Ik weet zeker dat ik nog eens terug ga!”

[Interview: juni 2017]
Back to overview?>