Jarco Mulder (21) uit Bleskensgraaf onderhoudt en repareert normaal gesproken motoren en generatoren van schepen in Nederland. Deze zomer maakte hij een uitstapje naar Afrika, waar hij zijn technische skills inzette op de Africa Mercy in Madagaskar. En dat is belangrijk, want zonder Jarco en zijn collega-technici in de machinekamer kan er niet geopereerd worden…
Vertel: wat deed je als monteur aan boord?
Samen met een internationaal team van zo’n twintig collega’s was ik verantwoordelijk voor het technisch onderhoud aan boord. Ik voerde dus reparaties uit over heel het schip. Het ene moment sleutel je aan een pomp, even later vervang je een pijp of klep. De Africa Mercy is best een oud schip, dus er is altijd wel wat te doen.

Is er dan ook zoveel te doen als het schip niet vaart?
Ja, zeker. De Africa Mercy is gewoon een drijvend ziekenhuis waar de bemanning ook nog eens aan boord leeft. Als het schip aanmeert in de haven gaat de hoofdmotor uit, maar alle andere installaties en systemen blijven gewoon draaien en hebben dus ook onderhoud nodig.
Hoe belangrijk is dat technische werk achter de schermen?
Heel belangrijk. Als er geen technici aan boord waren, zou er denk ik binnen een week geen zorg meer kunnen plaatsvinden. Dan is de kans bijvoorbeeld groot dat de toiletten niet meer werken of de elektriciteit uitvalt. En na verloop van tijd vallen ook bijvoorbeeld pompen en generatoren uit.

Hoe zag een werkdag aan boord voor jou eruit?
Die begon iedere dag om acht uur met een gezamenlijke meeting. Op maandag was dat met het hele schip, waarbij de kapitein zijn belangrijkste punten deelde en de managers vertelden wat er die week in het ziekenhuis op de planning stond. Op de andere dagen was dat met ons eigen team. Je hebt dan niet alleen een technische briefing, maar bidt of zingt ook samen. Overdag werk je alleen of samen met andere collega’s, onder wie dagwerkers uit Madagaskar, aan je klussen. ’s Avonds en in het weekend heb je tijd voor jezelf.
Kun je een voorbeeld noemen van zo’n klus?
Toen ik aan boord was, lekte er bijvoorbeeld een pomp van het rioolwatersysteem. Gelukkig hadden we een tweede pomp om op over te schakelen, zodat we de lekkende pomp eruit konden halen. Op de draaibank hebben we zelf onderdelen gemaakt om de lekkage op te lossen. Dat komt regelmatig voor, want het is onmogelijk om overal reserveonderdelen voor mee te nemen aan boord. En soms zijn zulke onderdelen ook simpelweg niet meer leverbaar, omdat de Africa Mercy al bijna vijftig jaar oud is.

Is dat oud voor een schip?
Ja, de meeste schepen worden maximaal 25 tot 30 jaar oud. De Africa Mercy is dus eigenlijk een oldtimer. Met alle technische vrijwilligers aan boord is het mogelijk om het schip draaiend te houden, maar dat wordt wel steeds lastiger. Helemaal omdat er na een paar maanden weer een nieuwe technische crew aan boord komt die alle installaties weer moet leren kennen. Je zou kunnen zeggen dat er niet alleen wonderen plaatsvinden in de operatiekamers, maar ook in de machinekamer. Het is bijzonder dat het schip na al die jaren nog zo functioneert. Daarom is het ook mooi dat er nu een nieuw ziekenhuisschip wordt gebouwd: de Africa Mercy II.
Heb je als monteur eigenlijk ook contact met patiënten?
Ja, als ik over de dekken loop, kom ik regelmatig patiënten tegen. Ik ben ook een keer mee geweest op een rondleiding door het ziekenhuis, waarbij je het hele zorgproces ziet. En op zondag kun je naar het HOPE Center, waar patiënten en hun families verblijven voor en na de operaties. Ik was er een keer bij een kerkdienst waar ik achter een meisje zat met een groot gat op de plek waar haar wang zou moeten zitten. Dat was best confronterend, maar tegelijkertijd besef je op zo’n moment: voor haar doe ik mijn werk!
Werkte je ook samen met technici uit Madagaskar?
Ja, aan boord van het schip heb je de day crew. Dat zijn betaalde medewerkers uit het land waar het schip ligt. Ze maken bijvoorbeeld schoon of schilderen de dekken. Wij hadden ook een aantal Malagassiërs in ons team. Dat is heel leuk. Je wisselt kennis en ervaringen uit. Ik heb ook veel van ze geleerd, bijvoorbeeld over hoe hun dagelijks leven eruit ziet en hoe ze naar de toekomst kijken.

Heb je tijdens je verblijf aan boord ook de kans om het land te leren kennen?
Zeker. Je kunt in het weekend de stad in of deelnemen aan activiteiten en dagtrips, bijvoorbeeld naar een lokale kerk of een gevangenis. Ik heb zelf een keer een cultuurtrip gedaan naar een dorp buiten de stad waar je ziet hoe mensen daar leven. Dan merk je hoeveel armoede er is en dat raakte me wel. Mensen werken hier echt om te overleven. Tegelijkertijd zijn ze ontzettend positief. Daar kunnen wij echt van leren.
Hoe kijk je terug op je verblijf aan boord?
Het was een prachtige ervaring. Vooraf twijfelde ik wel een beetje. Drie maanden aan boord is best een lange periode, maar uiteindelijk heb ik er toch voor gekozen en daar heb ik geen spijt van. Ik wilde al langer een keer vrijwilligerswerk doen en tegelijkertijd wat van de wereld zien. In deze vrijwilligersfunctie kwam alles samen. Ik ben van jongsaf aan al gefascineerd door schepen, heb er mijn werk van gemaakt en kon dat nu inzetten om achter de schermen bij te dragen aan hoop en genezing. En weet je: ik had als klein jochie ooit een poster van de Africa Mercy op mijn kamer hangen, nu werkte ik er zelf aan boord. Bijzonder toch?



