Hoi daar in Nederland,
Ik ben nu twee weken aan boord en begin een beetje mijn weg te vinden. Ik heb intussen wat vaste patiëntjes en voel me iets minder stagiaire (al moet ik nog veel leren).
Er worden nog 2 weken nieuwe patiëntjes geopereerd en daarna stoppen de orthopedische operaties voor de kinderen. De Gobal Mercy vertrekt in juni 2026 weer uit Freetown, dus dan moeten alle kinderen zover gerevalideerd zijn dat ze naar huis kunnen.
De Afrikaanse namen vind ik prachtig. De kinderen heten bijvoorbeeld :Kadiathu, Kaija, Habibatu, Fatmata . Ik bezoek de kinderen 2 keer per dag op de kinderverpleegafdeling. We doen dan oefeningen in bed. Na ongeveer 3 dagen moeten ze staan op hun benen die van voorvoet tot lies in het gips zitten. Dat valt niet mee, door de pijn en de angst maar ook omdat het motorische beeld in hun hoofd nog helemaal geprogrammeerd staat op de stand van de benen van voor de operatie.
Ik heb zelf nog nooit mijn been in het gips gehad. We hebben hier op de revalidatie afdeling een ‘voorbeeld gipsen been’ en ik was verrast hoe zwaar die is. Het is dus een flinke klus voor de kinderen om te leren lopen met -vaak 2- benen volledig in het gips.
Zoals ik in mijn vorige blog al schreef, is het op de verpleegafdeling een enorme drukte, en iedereen bemoeit zich met het leren lopen, moedigt aan, roept en applaudisseert: andere moeders, oma’s , daycrew en verpleging. Je wordt altijd begroet en altijd bedankt en de kinderen zijn erg ‘aanrakerig’. Na het eerste ongemak vind ik al die hartelijkheid nu heel prettig .
Het gaat goed met me en ik heb het erg naar mijn zin. De warmte is fijn, zowel van de buitenlucht als van de patiëntjes, hun caregivers, de daycrew en de collega’s. Met de vrijwilligers verbindt het enorm dat iedereen hier komt omdat ze vanuit hun hart goed willen doen. Dat ze vrij nemen van hun werk en dat ze hun sociale omgeving een tijd gaan missen omdat ze vanuit hun hart voelen dat ze hier iets te doen hebben.
Tot zover voor vandaag. Bedankt voor het lezen van mijn blog en meeleven.
Hartelijke groeten en tot de volgende keer
Sandra


Geef een reactie